Een eerste terugblik vooruit.

Intussen zit de reis erop. Bijna toch. Vannacht verliet ik Yerevan. Naar de luchthaven om 04:00, ik mocht het land beetje wachten en dan op een halflege vlucht naar Kiev. Weer de drie zetels voor mij alleen, mijn Koreaanse buurman was zo vriendelijk ergens anders te gaan zitten. Nu moet ik hier in Kiev weer wachten, slechts drie uur ditmaal. Dus neem ik graag even de tijd om de eerste bedenkingen neer te schrijven.

Laat ik beginnen met: wat een land. Vorig jaar maakte ik een gelijkaardige reis door Georgië. Als ik beide naast elkaar leg, dan denk ik dat mijn voorkeur uitgaat naar Armenië. Het is al net iets meer mee en ze hebben een onwaarschijnlijke geschiedenis. Overal waar je komt, stap je in voetsporen van duizenden jaren geschiedenis. En laat dat nu net iets zijn waar ik blij van word.

Wat een land. Zoveel verschillende soorten landschappen. Bergen, steppes, vlaktes, canyons. Ik zag gieren en een waterspreeuw. Brute, harde gebieden en de vlakte aan de voet van de berg Ararat. Sneeuw, regen, zon, wind, hagel. Ik kreeg het allemaal. Hoewel er duidelijk werd afgeraden om in de winter naar Armenië te gaan, ben ik toch blij dat ik t deed. Veel minder toeristen, zeker in en rond Yerevan. Want hoewel het voor ons een minder evidente bestemming is, komen ze vanuit andere streken in de wereld wel redelijk massaal afgezakt naar Armenië.

Brengt me bij het volgende punt. Leeg. Heerlijk was het, die highlights te kunnen bezoeken zonder andere toeristen in mijn nek. Alleen in een oud klooster te staan, in een kloof genieten van de stilte. Op een pas stilstaan, op +2000m, en niemand in de buurt.

Minpunten? Tuurlijk. De wegen. Sommige zijn in verschrikkelijke staat. Maar stiekem is dat soms ook een pluspunt. Je moet er wel rekening mee houden bij t uitstippelen van de route. Ook al is het maar zo groot als België, en rijdt niet zomaar even van de ene kant van het land naar de andere. Hierdoor geraakte ik niet in Tatev, het zal voor een andere keer zijn. Vuil. Het is een land waar het vuil overal ligt. Mensen gooien alles buiten. Aan de rand van de dorpen zijn er steeds enkele plekken waar het vuil verzameld wordt en om de zoveel tijd steken ze dan de hoop in brand. Vriendelijk. Ze zijn heel vriendelijk in de hotels en guesthouses. Maar in winkels niet direct. Dat maakt blijkbaar deel uit van de cultuur. Ik ken u niet dus ik weet niet of ik vriendelijk moet zijn. Even afwachten…

Ga ik terug? Heel heel graag. In mei of september lijkt me ideaal. De grote hitte weg en het land groen en vol kleur. Al duim ik alvast wel voor een vlottere verbinding tegen dan.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s