Oudjaar. Alleen oudjaar.

Ik val nog maar eens met de deur in huis. Ik vierde dit jaar oudjaar alleen. Nu ja, ik mad mijn hond F de hele tijd dicht bij mij. En om verder te doen met het vallen der deuren, het was echt een meevaller.

Neen, het was niet gepland. Het had te maken met een relatie. En fout lopen. En jammer toch. Hoe jammer ik dat stuk ook vond, ik besloot van de avond toch iets mooi te maken. Ik ging naar de viswinkel, haalde de twee persoons plateau de fruits de mer op. Samen met een kistje, zoals mijn kinderen het graag noemen, snot in een schelp. Anderen noemen het eenvoudigweg oesters.

Daarna reed ik naar mijn vader, ook daar horen nieuwjaarswensen bij. Eten, drinken, praten… daarna wandelen, ik en de hond. Heerlijk. Uiteindelijk werd de steven huiswaarts gewend en kwam ik tegen 17u weer terug thuis. Alleen. In een leeg huis.

Ik voelde hoe ik op een tweesprong stond. Gaf ik toe aan het ‘oudjaar vier je in groep, hoe groter/gekker/luider… hoe beter’ gevoel of ging ik mee in het ‘ ik kan echt wel alleen ook content zijn’? Ik bekeek de plateau, het kistje en de heerlijke fles wijn. Het werd me al snel duidelijk. Ik verkoos te genieten.

Oesters open, schelpjes leegpeuzelen, kreeft en krab, daarbij een goed glas wijn. De hond aan mijn voeten, dan weer naast me in de zetel. Op tv een film en wat afleveringen van een Vlaamse reeks die ik nog moest inhalen en verder…. Niets. Heerlijk. Tegen middernacht zapte ik even rond, zag beelden van gillende massa’s, knallend vuurwerk, hyperuitgelaten vrolijkerds, links en rechts een zwalpende zatlap… En ik? Ik zat heerlijk rustig thuis.

Wat ik hiermee wil zeggen? Niet veel. Misschien alleen maar. Alleen is niet altijd eenzaam of zielig. Het kan zelfs zalig zijn.

Verder: mijn allerbeste wensen!

nieuwjaarsbrieven

27 december 2017. De mama van de vier en ik zijn intussen 5 jaar uit elkaar, 4 jaar gescheiden. Officieel, op papier en dergelijke. Het lukt ons echter wel om, zeker de laatste 3 jaren, nog samen ouders te zijn. Ik kies heel bewust die woorden, omdat N, de oudste het zo een tijd geleden ineens zei.

Papa, zo zei hij in de auto, ik vind het wel echt fijn dat, ook al zijn jullie gescheiden, jullie toch nog samen onze ouders zijn…

Ik was zeer verrast en aangedaan. Want dat is inderdaad wel de bedoeling en het plan. Maar in de praktijk lukt het vaak niet. Waarom het bij ons wel lukt, alvast tot nu? Omdat we bereid zijn eigen kwetsuren, kwaadheid, verdriet,… weg te cijferen in functie van de kinderen? Omdat we beiden niet elke strijd aangaan die we wel eens voelen opborrelen?

Ik erger me nog geregeld hoor, daar verandert een scheiding niets aan. Vaak ben ik ook niet helemaal akkoord met wat ze zegt tegen de kinderen, hoe ze dingen zegt. Da kans is zeer groot dat het andersom ook zo is. Ook al ben ik makkelijkste mens in de wereld…Maar dat is weer een voordeel van de scheiding. Wordt die ergernis te groot, de spanning te hevig, het meningsverschil te duidelijk? Dan ronden we het gesprek af en kan ieder op zijn eigen plek gaan stoom aflaten.

Uiteraard loopt het niet altijd van dat leien dakje, maar, fingers crossed, tot nu toe doen we het toch maar. Om die reden konden we dan ook dit jaar weer onze nieuwjaarsreceptie houden, nog even wij zes. Geen nieuwe partners, geen derden, enkel het ‘kerngezin’. Er werden 4 brieven voorgelezen, er werden hapjes gegeten, kinder- en echte champagne gedronken. We toastten samen op het voorbije jaar en spraken af ook te proberen in 2018 samen te ouderen.

 

We staan er weer!

Vooreerst, verschoning! Ik liet u enkele dagen in de steek. Meer nog, enkele weken.

Ik sleepte mijn kinderen door examens en toetsen, sleepte mijn klas door de laatste loodjes van het eerste trimester en deed zo nu en dan een poging om zelf recht te blijven. Kortom, jaaaa het is vakantie. En ik, wij, vinden dat niet erg.

Er gebeurde heel wat intussen. Kerst en dergelijke, ik vermoed dat u wel weet wat dat met zich meebrengt. Eten, praten, lachen, samenzijn. Maar ook een gevoel van eenzaamheid. Een gevoel dat velen kennen, maar er wordt opvallend weinig over gesproken.

Nu alreeds 13 jaar geleden stierf mijn moeder, kanker, na een jaar van vechten tegen en aanvaarden van de ziekte. Sindsdien worden wij, ondergetekende en beide lieftallige zussen, gedwongen te zoeken naar andere manieren van kerst. Het overnemen van een traditie, het invullen van een afwezigheid, het is en blijft een moeilijke opgave.

Na heel wat jaren proberen om samen nog te kersten, hebben we moeten aanvaarden dat het niet meer ging, kerst in het ouderlijk huis, kerst met de zussen en alle aanhang die erbij hoort. Gevolg: ieder trok zich terug in zijn cocoon, in zijn huis, in zijn gezin. Iets waar we allen wel deugd aan hebben, terugplooien op wat je hebt en kent. We doen het ook allen voor onze kinderen, zij hebben ook recht op een mooie kerst, op mooie herinneringen later, op terugkijken naar warme avonden en dagen. Dus er is eten, drinken, een boom, tijd, kadootjes, …. Ik geniet, we praten, koken, eten, drinken, lachen samen. Ik en mijn bende van vier, met de hond steeds vlakbij.

Geloof me vrij, het waren leuke en mooie dagen. En tegelijk schreeuwt er vanbinnen iets: Hou vol, ze zijn bijna voorbij. Het verlies heeft een plaats, maar tijdens deze happy family dagen,… dat is een ander verhaal. Ik ben in ieder geval zeer bij dat de kinderen groter worden. Ik kan er al eens met hen over spreken. Ze blijven langer wakker, we kijken samen Home Alone, het haalt het grootste gevoel van eenzaamheid wel weg.

Nee, ondanks en toch, kerst. We maken er steeds weer t allerbeste van. Want zij zijn het waard, meer dan L’Oréal!

Bijna vakantie

Iedereen met schoolgaande kinderen kent het waarschijnlijk wel, het gevoel dat de vakantie net een week te lang wegblijft.

Kinderen zijn moe, moeten zich nog door examens of toetsen slepen, het is koud buiten, opstaan wordt elke dag een beetje moeilijker. Zet daarnaast nog een vader die zelf lesgeeft en even moe is als de kinderen. En u kan zich wel een beeld vormen van hoe levendig en gezellig het er hier momenteel aan toe gaat. Om het leven nog wat te vergemakkelijken, kregen we er de afgelopen dagen nog een schep winter bovenop. Extra lang en extra focus in de auto. N niet met de fiets naar school.

Toch, toch heeft deze periode wel iets. Kinderen die buiten gaan spelen, spontaan. Sneeuwmannen in de straat, sneeuwballengevechten op school, sleeën, … Kerstboom wordt gezet en versierd, Playmobil kerststal opgekuist en in elkaar gestoken. De eerste kerstkaarten vallen in de bus, zowel de echte buiten op straat als de virtuele.

Ja, de vakantie nadert. Geloof me vrij, ze is zeer welkom. Voor u ook?

Ballet van Moskou

Zondag. Ik pik B op bij zijn mama. Vandaag is het een dagje voor ons. Wij met twee een hele dag weg. Samen leven we een hele dag toe naar een primeur voor ons beiden. We gaan naar een balletvoorstelling. Het Zwanenmeer, in het Kursaal in Oostende. B doet zelf ballet en is zeer benieuwd, hij kijkt er al maanden naar uit. Ik ben vooral benieuwd naar hoe hij het zal beleven.

Samen de auto in, met onze mooie zondagse kleren aan. Incl een strik en bretellen voor B. Eerste stop, Brugge. Daar woont de peter van B met zwangere wederhelft en zoon. Een heerlijk warme ontvangst, lekker eten, koffie erna. En vooral, heerlijke gesprekken en leuke plannen smeden. De massa mensen die buiten voorbij wandelen naar het centrum, ik bekijk ze verbaasd en vraag me af wat hen ertoe brengt zich mee in de massa te smijten. Doch dit terzijde.

Wij gaan terug naar de auto en rijden nu naar Oostende. Ook daar een massa mensen. Het lijkt wel of er niemand in Vlaanderen thuis is. We vinden uiteindelijk parkeerplaats. Ik laat B de keuze. Of wandelen op het bijna lege strand of een bezoek brengen aan een paar locaties van het kunstenproject Het Vlot, Kunst is niet eenzaam.

Hij gaat voor de wandeling. Hoewel ik in eerste instantie beetje teleurgesteld ben ( ik wou een paar dingen heel graag zien!), ben ik achteraf heel erg blij. Wind, zee, zand, het geeft letterlijk en figuurlijk ademruimte. En die tentoonstelling loopt nog tot in april. Over het strand voor het Kursaal tot aan de renbaan. Via de gaanderijen terug. Vervolgens duiken we de stad in, we hebben honger. Van vorige bezoeken weet ik een heel fijn restaurant, Apéro Fish Palace. De naam en buitenkant lokken niet. Het interieur en het eten des te meer. Zeker de plaatsen achteraan zijn erg leuk. En het eten, wat een heerlijkheid. We bestellen een portie gemengde zeevruchten. Voor B gaat er een werled open. Hij proeft van veel, lust niet alles. Daarna een reuzekom bouillabaisse. Veel vis, veel schelpen, veeeeeel smaak. U hoort het, een aanrader!

Maar daar kwamen we niet voor. Ik zie aan B dat de spanning toeneemt. De tickets werden enkele maanden geleden gekocht, het wachten heeft intussen echt wel lang genoeg geduurd. Dus, naar het Kursaal. Tickets tonen, jassen afgeven, naar het toilet en plaatsen zoeken. Vanuit de stoel naast mij, zie ik een paar ogen zeer be en verwonderd de zaal bekijken. Ook proberen de ogen om onder het gordijn te kijken. Er is daar immers veel beweging. Kortom, meneer is er klaar voor.

Met een kwartiertje vertraging beginnen ze eraan. Eerst muziek, maar de gordijnen blijven nog dicht… Papa, ze zijn de gordijnen vergeten… Na een paar minuten gaan ze dan toch open en zien we, eindelijk, de dansers. Gelukkig vertelde B me in de auto nog het verhaal, dan weet ik ook wat ik zie. Ik kijk met ogen van een leek, overdonderd door het nieuwe en het spektakel. B kijkt anders, dat merk ik aan zijn blik. Hij let op de bewegingen, probeert ze te benoemen en fluistert af en toe welke pas of beweging hij zag. Ik knik bevestigend, al heb ik vaak geen idee over welk stuk van de dans hij het heeft. Mijn voornaamste gedachte is: “Hoe kunnen ze zo bewegen zonder dat pezen scheuren, spieren ontploffen of botten breken…?” Het zien alleen al doet pijn aan mijn gewrichten. Vooraf wist ik niet hoe lang het zou duren. Uiteindelijk zijn we drie uur aan het genieten, gelukkig ook met een pauze.

Pas tegen 22u30 zitten we in de auto, nog anderhalf uur te gaan. Ik hou hem nog even wakker, hij wil ook graag nog even aan zijn mama vertellen wat hij gezien heeft. Na een gesprekje van twee minuten, kan hij nog net mijn telefoon teruggeven voor hij uitgeput in slaap valt. Ik zorg voor een veilige rit huiswaarts, lever hem om middernacht weer af.

Nog een glas single malt en dan heel tevreden mijn bed in. Een dag om nooit te vergeten, voor hem. maar ook voor mij.

 

Gendergedoe

Moeilijk, dat vind ik ervan. Ja het is belangrijk dat ieder mag zijn wij hij of zij wil zijn. Uiteraard. Maar laat ons de slinger ook weer niet helemaal laten doorslaan. En dat zeg ik, met een zoon in huis die ballet doet, graag knutselt, tekent, tot voor kort prinsessenkleedjes wenste voor zijn verjaardag.

Ik vind het belangrijk dat het gesprek gevoerd wordt en dat kinderen leren dat clichés niet per definitie de waarheid moeten worden. Ik voer het gesprek ook, hier thuis. Dat spreekt voor zich. Poging om hen ruimte te bieden, maar ook om hen eigen te maken dat ieder mens mag worden en zijn, groeien en bestaan. Ook in de klas is het deze week een hot topic, onder andere dankzij het nieuws van Karrewiet. Ben er fan van, maar dit slechts terzijde.

We keken er samen naar, net als elke maandagochtend. Na het kijken stelde ik de vraag: “ Jongens zijn stoer, meisjes zijn dutskes. Akkoord of niet?” Uiteraard, iedereen was tegen. Iedereen, behalve een. Een jongen. Hij vindt dat er sporten zijn voor jongens ( voetbal, rugby, tennis…) en sporten voor meisjes (ballet, schaatsen,…) Ik moet u niet vertellen dat de meesten in de klas verrast reageerden, maar er ontstond al snel een heel eerlijk en open gesprek. De meester probeert ook hier mee te geven dat ieder mag zijn enzovoort…Veranderen van mening deed hij niet, welke argumenten er ook naar voren kwamen. Het leek me bij hem een kwestie van buik, aanvoelen, los van het verstandelijke.

Wat ik ervan denk? Super, ik ben niet akkoord. Maar super dat je als enige in een klas van 24 durft zijn wie je bent.

Drijven.

Een zaterdag. M is op een verkleed-verjaardagsfeestje. N, de oudste en vrolijk bezoeker van het middelbaar, moet studeren. De examens naderen. In de tuin loopt de hond Friedel, B en L vinden niet dadelijk iets om te doen. Al die puzzelstukjes leiden tot de beslissing: ik ga wandelen. Hond en kinderen uitlaten. Mezelf ook.

We hebben het geluk in de buurt te wonen van een van de mooiste stromen van ons land, de Nete. Soms denk ik dat ik het beter niet zou rondbazuinen, want het is er nu heerlijk rustig. Ideaal om een hyperactieve pup van 7 maanden uit te laten dus. Kilometers natuur, bossen, velden, ruimte en lucht. En echt niemand die mee komt genieten. Houden zo, zou ik denken.

Maar goed, ik wijk af. Ik wil u vertellen over de jacht. Een drijfjacht waarin we ons plots bevonden. We hoorden al een paar keer schoten in de verte. Uiteraard gevolgd door een paar vragen van de kinderen. Zijn we veilig? Waar schieten ze op? Waarom?

Zolang er niets of niemand te zien is, hou ik het graag een beetje abstract, zonder te verbloemen. Maar plots lopen we naast een bos. Wij op de dijk, het bos iets lager. In het bos, fluorescerende mannen die roepen, met stokken op de grond slaan en op een lange rij lopen. Reeën opjagen, dat is het plan. Op het einde, waar het bos stopt, staan de jagers. Klaar om te schieten op alles wat zonder fluo het bos uitkomt. Kinderen vinden het toch maar raar en ‘toch niet echt eerlijk.’

Gelukkig zien we slimme reeën. In plaats van weg te rennen van de drijvers, rennen ze er tussendoor, weg van de jagers. We zien er twee aan hoge snelheid diep in het bos verdwijnen. Gelukkig vindt Friedel de reeën niet zo heel interessant en komt ze terug wanneer ik fluit. Een derde ree ziet een andere uitweg. Ze duikt de Nete in en zwemt naar de overkant. Oef! Aan de overkant loopt het dier zich even vast in een afsluiting, maar al snel vindt ze een goede vluchtweg.

B en L zijn toch best onder de indruk en stellen, eens de rust is wedergekeerd, veel vragen. Tijd om de leerkracht in mezelf weer even boven te halen. Jacht, wildbeheer, verstandig en gericht schieten. U kent de argumenten waarschijnlijk ook wel. Maar diep vanbinnen voel ik toch ook medelijden. Echt eerlijk is zo een drijfjacht toch niet…

Kinderloos weekend met kinderen

Ook in een weekend waarin de kinderen bij moeder zijn, slagen ze erin zeer aanwezig te zijn. Deze keer niet met behulp van moderne media of iets dergelijks. Neen, deze keer zijn ze erbij dankzij mijn vrienden en kennissen. In gesprekken. Leuke gesprekken wel, geruststellend en opluchtend. Al is dat laatste woord waarschijnlijk niet helemaal correct, zo voelt het wel.

Ik ontmoette de afgelopen dagen een stel vrienden van mijn jonge leeftijd en allen zijn ze ook ouders van kinderen met dezelfde leeftijd als de mijne. Hoog tijd dus om verhalen uit te wisselen en te polsen of het ook bij hen soms anders loopt dan je het als ouder in je hoofd hebt. En driewerf hoera…

We zijn niet alleen. Ook in andere gezinnen lijken de puberhersenen vaak maar op 50% te werken, vergeten kinderen weleens wat opruimen is, vindt een 13 jarige het leven geregeld ‘kei oneerlijk’, probeert een jongste al wel eens onder taken en opdrachten uit te muizen.

Ook in andere gezinnen winden de dochters hun vader om de vinger en doen de zonen dat bij de mama. Niet alleen ondergetekende brengt heel wat van zijn ‘vrije tijd’ door in de auto, op weg naar en van de hobby’s van de kinderen. Meer nog, ook bij de anderen zeuren ze over het eten en vinden ze dat ze veel te weinig kleren hebben.

Kortom, een weekend zonder kinderen maar met vrienden, zelfs dan draait het nog vaak rond de kinderen. Over het eten, de drank, de flauwe moppen en goede gesprekken, daar vertel ik u graag een andere keer over.

Vader stelt vast.

Veranderen, ze doen het vanzelf en zonder het te beseffen. Als vader zit je erbij en kijk je ernaar. Ik bedoel het op dit moment vooral op L, zesde leerjaar, 11 jaar. Tot enkele maanden geleden bestond het leven uit paarden, spelen op straat, lezen, hangen bij vader, grote zus zijn voor kleine zus M.

Sinds een paar weken, werd er een nieuw item aan de lijst toegevoegd. Ze ontdekte als het ware het wezen ‘de jongen’. Gevolg: gegibber, blozen, gefluister,… Aan tafel worden de klasgenoten besproken, wie is knap, die zijn haar, de schoenen van de andere, nog een die blijkbaar raar praat…

Om dan te komen tot die ene, die ene jongen. Hij die haar doet blozen, harteklop, ze stamelt en blinkt, ze ratelt en is verlegen. Ja, het is zover. Vader stelt vast. De oudste dochter is verliefd. De gelukkige is een jongen uit het naburige dorp, van een jaar jonger. Maar papa, dat zou ge echt niet zeggen. Die is lief, doet niet zoals de andere jongens, die praat gewoon. En die zijn haar papa, dat is zo mooi!!

Twee dagen terug, aan de supermarkt, kort na school. We huppelen over de parking naar de ingang, met een vrolijk kwetterende L aan mijn zijde. Als plots… L wordt stil, bloost, staat wat te draaien. Ik bekijk haar, volg haar blik. En daar, daar staat een jongen. Met dezelfde reactie bij het zien van mijn dochter.

Vader, zet u schrap. U betreedt een heel nieuwe fase…

Alles komt terug

We zeggen en schrijven ergens einde jaren ’80. Een kind-versie van ondergetekende staat aan de hand van zijn moeder aan te schuiven in een lange rij. Klaar om, naar jaarlijkse gewoonte, de boekenbeurs te betreden. Dé boekenbeurs in de grote stad. In de rugzak, want die mochten toen wel nog binnen, sandwiches, drinkbus en vooral… 1000 frank. Want dat was de afspraak, elk kreeg duizend frank ( voor de jonge lezers: 25 euro) en mocht daarvan boeken of strips kopen.

Jaar na jaar werd het een haast onmogelijke opdracht… Al die boeken, al die auteurs die klaar zaten om te signeren, strips van zoveel verschillende helden en heldinnen… en daar moest ondergetekende dan uit kiezen. Misschien twee boeken en een strip?

We reizen even door de tijd en schrijven nu november 2017. Ondergetekende staat als vader-versie met kinderen aan de hand aan te schuiven voor de ingang van de boekenbeurs. Dé boekenbeurs in de grote stad. Tickets werden online gekocht, rugzak is niet mee. Dat mag niet meer. Veiligheid en zo, u kent het verhaaltje wel. Kinderen hebben geen geld op zak, maar weten wel dat ze voor 50 euro mogen kopen, elk. Betalen doen we met de kaart, we gaan mee met de tijd. Eten en drinken kopen we ook ter plekke. Een flesje water van 0.5 liter aan de prijs van een bak water in de supermarkt. Een broodje aan een hippe foodtruck, lekker doch de prijs is minder smakelijk.

Maar goed, we zijn hier voor de kinderen. Al enkele weken keken ze uit naar hun eerste bezoek aan de boekenbeurs. Ik herken het overweldigd zijn door het aanbod, het niet weten waar eerst kijken. Jommeke wandelt voorbij, de Gruffalo laat zich zien, auteurs spreken hen aan om over hun boeken te vertellen. En zij, zij kijken, lezen, twijfelen, draaien, pakken en leggen terug… Om na een paar uur moe maar heel erg tevreden buiten te komen en al in de auto aan hun boeken te beginnen.

Hoe zegt men dat? Alles komt terug…